Het pedagogisch beleid is op al onze locaties in de grootste lijnen hetzelfde. Echter zien onze locaties er allemaal anders uit. Benieuwd naar deze verschillen en wilt u hier meer informatie over? Het pedagogisch beleid is op locatie in te zien of op te vragen bij de betreffende coördinator. Tevens kunt u het algemene beleid, als ook locatiespecifiek, online inlezen via onderstaande afbeeldingen.

PBplanIkke PBplanIkkeDennen PBplanIkkeBeuken PBplanIkkeZonnebloem


In de eerste vier levensjaren van een kind wordt de basis gelegd voor een eigen persoonlijkheid. Daarom is het belangrijk dat kinderen in deze periode voldoende geprikkeld worden. De natuurlijke behoefte, zelf dingen ontdekken, onderzoeken en proberen moet dus zoveel mogelijk worden gestimuleerd.

Kinderopvang Ikke werkt volgens een pedagogisch beleid, gebaseerd op de ideeën van de kinderarts/professor Emmi Pikler. Dit unieke beleid is uitgewerkt in een werkplan dat door alle medewerkers strikt wordt uitgevoerd. Op deze manier kunt u er zeker van zijn dat uw kind zich in haar of zijn eigen tempo optimaal kan ontwikkelen zonder zich daar daadwerkelijk van bewust te zijn. Bewegingsvrijheid is hierbij een belangrijke voorwaarde. De jonge kinderen kunnen bij ons vrijuit bewegen: ze rollen, tijgeren en kruipen door de hele ruimte. Kinderen worden nooit in een houding gebracht waar hij/zij (nog) niet uit kan komen. Boxen en wipstoeltjes gebruiken wij alleen waar nodig en voor korte duur.

Reggio Emilia ziet ieder kind als uniek. Kinderen zitten boordevol ideeën en fantasieën. Vaak worden deze onbewust beperkt door volwassenen. Tijdens activiteiten laten we de kinderen vrij, er worden geen eisen aan het eindresultaat van een werkstuk gesteld. Hierdoor zullen kinderen altijd een succeservaring beleven, wat doorwerkt op het zelfvertrouwen. Ontwikkelingen van kinderen worden schriftelijk gedocumenteerd en vastgelegd op foto/filmmateriaal.

Dagindeling 

Voor kinderen tot 12 maanden is de dagindeling afgestemd op het individuele ritme. Per kind worden eet- en slaaptijden van thuis aangehouden. Vanaf 10 maanden zijn de kinderen reeds gewend aan het ritme van de dag en gaat dan echt deel uitmaken van de groep. Vaste momenten zoals eten, slapen, spelen en naar buiten gaan, vinden dan zoveel mogelijk gezamenlijk plaats.

Groepsindeling 

Kinderen verblijven op alle locaties in een horizontale groep met zoveel mogelijk leeftijdsgenootjes. Over het algemeen bestaan er drie verschillende leeftijdscatgorieën: een jongste groep met kinderen van plusminus 2 maanden tot 2 jaar; een peutergroep van 2 tot 4 jaar en tot slot, enkel bij locatie De Dennen, de peuter-plus groep (3 tot 4 jaar). Per locatie is de groepsindeling afhankelijk van de grootte van het dagverblijf en de leeftijd van de kinderen.

Doordat kinderen in deze groepen grotendeels in dezelfde leeftijdsfase zitten, kunnen het dagritme en verschilllende activiteiten hierop worden afgestemd. Dit maakt het mogelijk kinderen op een juiste manier en op het goede moment te begeleiden.

Gedurende een dag op de opvang is veel te zien en horen wat kinderen bezig houdt. Vaak is dit in een thema te plaatsen. Leidsters vergaderen over mogelijkheden om het thema dat leeft uit te diepen. De groep wordt naar het thema ingericht en aangepast met uitdagende materialen. Er worden prentenboeken gezocht die binnen het thema passen en er voor zowel binnen als buiten uiteenlopende activiteiten georganiseerd.

Tijdens deze activiteiten wordt er veel waarde gehecht aan de fantasie en kennis van kinderen. Zij bepalen wat ze willen creëren en er is een ruime keuze van materiaal. Een vast eindresultaat is er niet; dit wordt door het kind zelf bepaalt. Het is een echte ontdekkingstocht, waarin dus met name het proces centraal staat!

Verdieping in het thema wordt gestimuleerd door werkstukken te presenteren in de groep met een portretfoto van het kind. Zo leren kinderen naar elkaars werkstuk te kijken. Leidsters bieden structuur aan tijdens activiteiten, observeren ontwikkelingen van kinderen en leggen deze vast in documenten en op foto/filmmateriaal. Door kinderen vrij te laten tijdens activiteiten ontwikkelen zij sneller een eigen identiteit. Vrij laten betekent bij ons ook een eigen keuze hebben in het willen deelnemen aan activiteiten.

Aan ieder kind dat verblijft bij Kinderopvang Ikke is een mentor toegewezen. Deze mentor werkt op de groep waar het kind geplaatst is. De taken van de mentor zijn als volgt:

  • Eerste aanspreekpunt voor de ouder
  • Volgen van de ontwikkeling van het kind (door observatieformulieren van ‘Focus op kinderen, Triodus’, invullen kijk- en luisterformulieren, invullen warme overdacht ‘Alle kinderen in beeld’)
  • Voeren van oudergesprekken, één keer per half jaar na het invullen van de formulieren van ‘Focus op kinderen, Triodus’. Eerste gesprek na plaatsing vindt plaats na 6 weken.
  • Andere medewerkers op de hoogte stellen van afspraken die ouder maakt over bijvoorbeeld slaapgewoontes